Foert!

Slapeloze nacht vóór de stemming.
Zes mannen staan op uit het plein,
uit de krijtlijn, de bloedplas
en gaan door de straten, dwars

Charles Ducal

De laatste weken heb ik vaak moeten denken aan het Quinten Metsysplein, bij Leuvenaars beter bekend als de ‘Loikseploits’. In 2002 werd in de vloer van dat plein een monument in marmer en koper aangelegd in herinnering aan de Bloednacht van 1902. Dat jaar werd op 18 april in de straten van Leuven een vreedzame betoging voor enkelvoudig stemrecht lafhartig uit elkaar geschoten door de ‘garde civique’. Slotsom zes doden en 17 gewonden. Aan enkele gevels hangt een herinneringsplaket en op de stedelijke begraafplaats staat een monument om ons blijvend te herinneren aan de strijd die geleverd werd voor dat bewuste stemrecht.

In de periode vòòr de verkiezingen ving ik links en rechts geruchten op van mensen die het vertikken om daaraan deel te nemen. Daarvoor werden excuses gehanteerd als “mijn stem is toch geen avance” en/of “dat ze allemaal m’n kloten kussen”. Kijk, daar kan ik nu eens onmogelijk begrip voor opbrengen. Waarschijnlijk is mijn verstand alweer veel te klein om me in dat soort argumenten in te leven. Er is in dit apenland hevige strijd gevoerd, meer nog, er heeft bloed gevloeid om stemrecht te krijgen en een democratie uit te bouwen. Het enige wat je daarvoor in ruil moet doen, is ééns om de zoveel jaar een uurtje uit te trekken om naar de stembus te gaan. En dan zijn er toch nog 876.376 Belgen die vinden dat ze van dat duur bevochte recht geen gebruik hoeven te maken. Daarnaast had je ook nog eens 454.520 Belgen die zich wel de moeite getroostten om achter het gordijn van het stemhokje blanco of ongeldig te stemmen.

Voor mij hoeven ze het niet te laten om op deze manier de middenvinger op te steken naar ons democratische systeem maar mag ik die pakweg 1,25 miljoen personen dan ook vragen om consequent te zijn met hun houding. Door bijvoorbeeld alle voordelen van dit democratische stelsel ook opzij te leggen en vooral niet te komen janken als er in Brussel beslissingen over hun hoofden heen worden genomen. Willen die mensen dan ook zo eerlijk zijn om ‘kus m’n kloten’ en ‘foert’ te zeggen tegen hun ziekteverzekering, tegen hun pensioen, werkloosheidsuitkering, sociale opvang, zelfs tegen het gebruik van het wegennet, waterleiding en riolering.

Deze extreme vorm van je-m’en-foutisme heeft mijn bloeddruk meer opgejaagd dan die 810.177 stemmen voor het Vlaams Blok. Ik weiger halsstarrig dat Blok te vervangen door Belang. Je mag een aap nog in een maatpak steken maar uiteindelijk zal die aap dezelfde smoelen blijven trekken. Nu wil ik wel heel eventjes aannemen dat het merendeel van die 18% kiezers geen pur sang racisten zijn en dat hun stemgedrag meer op angst dan op haat is gefundeerd. Maar dan nog. Overtuig die mensen maar eens dat de Vlaamse polders NIET overspoeld worden door horden asielzoekers die het land onveilig maken, onze sociale zekerheid onderuit halen, in onze huizen inbreken, onze vrouwen verkrachten en ons naar het leven staan. Beseffen die mensen wel dat het Blok ook nog ander vlees in de pekel heeft liggen? Dat het bijvoorbeeld moet gedaan zijn met die flauwekul over vrouwenemancipatie – die moeten terug aan de haard en kinderen kweken – dat homo’s en lesbiennes geen rechten meer hebben, dat euthanasie en abortus weer verboden zullen zijn, dat werklozen – die gepatenteerde luieriken – nog maximaal twee jaar recht op een uitkering hebben, dat vakbonden monddood dienen gemaakt, dat stante pede de doodstraf weer wordt ingevoerd en de wapenwetten versoepeld, dat cultuur zich zal beperken tot vendelzwaaien en volksdansen op klompen, en als het even kan moeten we ook maar ineens uit de Europese unie stappen.

Laurette Onkelinx zat er niet ver naast toen ze eruit flapte: J’entends le bruit des bottes…

 

 

Advertenties

Bedankt

Kijk, kijk… Wat schreef ik hier ruim een week voor de verkiezingen?

Op 27 mei evenwel niet komen klagen en zeuren, niet proberen een antwoord te vinden op de vraag waarom het weer een Zwarte Zondag is geworden zonder eerst de hand in eigen boezem te steken.

En wat krijgen we sinds zondagavond constant te horen, te zien of te lezen? Juist ja, klagende partijvoorzitters en zeurende verkozen parlementairen over het feit dat VB een grote sprong heeft gemaakt. En maar leuteren over “de mensen hebben onze boodschap niet helemaal begrepen”, en maar kakelen over “de kiezer die altijd gelijk heeft” en maar herhalen dat “we ons dringend moeten beraden over het signaal dat de burger hiermee uitzendt”. Fuck you, bende godverdomse kloothommels! Dat signaal werd al in 1991 luidkeels gegeven. Achtentwintig jaar geleden! Al die tijd is men in de partijcenakels potdoof gebleven voor dat signaal in de gedachte dat het wel allemaal uit zichzelf zou overwaaien en stilletjes uitdoven. De Grote Roerganger roffelde zichzelf constant op de borst in de volle zelfovertuiging dat hij in zijn dooie eentje het Zwarte Beest had uitgeschakeld. Dat was dan toch maar voor heel eventjes en zeer oppervlakkig. Immers, als je hetzelfde taalgebruik hanteert, programmapunten klakkeloos overneemt – meer nog: dat programma zelfs realiseert – en de eigen achterban tot dezelfde haatgevoelens aanzet, mag je niet verbaasd zijn dat diezelfde achterban teruggrijpt naar het origineel en de grootste haatpredikers het laken volledig naar hun kant trekken.

En daarmee zijn we maandagochtend wakker geworden in een nog meer op zichzelf teruggetrokken, meer egoïstisch ingesteld, compleet asociaal en extreem racistisch Vlaanderen. Mag ik via deze weg àlle partijen daarvoor hartelijk feliciteren en bedanken.

Intussen ben ik nog altijd herstellend van de mentale klap die zondag uitgedeeld is. Langzaam maar gestaag gaat het beter.

002

(Schilderij Wouter Steel)

Bla bla bla

Waar is de tijd dat je – in volle verkiezingsperiode – gewild of tegen je zin de jaszakken volgestopt kreeg met allerlei onnozele en nutteloze gadgets. Balpennen en luciferdoosjes, kalendertjes en aanstekers, portemonneetjes en sleutelhangers… allemaal met de naam, en voor zover ruimte beschikbaar, ook de foto van de kandidaat volksvertegenwoordiger erop, samen met de dwingende bede: stem voor mij. Na een avondje stappen had je toch al gauw een voldoende grote voorraad prullaria bij elkaar gesprokkeld om alle dorpskinderen in een ontwikkelingsland voor even gelukkig te maken. In 1989 legde de wetgever deze praktijk aan banden, samen met steungelden en andere financiële douceurtjes uit de bedrijfswereld. In ruil daarvoor gooiden de partijen het nogal snel op een onderling akkoordje om zichzelf rechtstreeks en rijkelijk te laten financieren door de belastingbetalers, op dit ogenblik zelfs goed voor een jaarlijks potje van om en nabij 70 miljoen euro.

Een eigenaardig en nieuw fenomeen is dat politici nu zichzelf als een gadget in de markt zetten. Wist de meest irritante zuurpruim je destijds toch nog te overtuigen om jouw strenge mening over hem/haar aan te passen omdat hij/zij je net een pakje lucifers aanbood toen jouw aansteker leeg bleek te zijn, dan werpt men nu de gehele familie, de woonomgeving, de hond of kat, de vrije tijdsbesteding, desnoods de haarsnit in het strijdperk om toch maar zo sympathiek mogelijk over te komen. Is het niet met een gepersonifieerde en meestal slecht verzonnen slogan, dan toch wel met een of andere flauwe woordspeling. Vooral op de sociale media willen nogal wat kandidaten aanwezig zijn met een opvallend filmpje waarbij de meest fundamentele regels van fatsoen en goede smaak ondergeschikt worden gesteld aan het ego van de politicus in kwestie. Of aan de geflipte ideeën van een of ander veel te duur betaald marketingbureau. En zo laat een groene voorman zich van zijn beste kant zien als pechhulpje om een in panne staande wagen voort te duwen. Een jonge christendemocraat probeert de ‘ketjes’ van het Brusselse Gewest voor zich te winnen in het platste West-Vlaams. Een andere jonge mafkees zet zijn blote torso in de kijker, of weer iemand anders bezoekt ongenodigd een jongedame op haar 18de verjaardag met de camera achter zich aan.

Onbetwiste uitblinker in dit onsmakelijk gedoe is alweer de in deze regio onvermijdelijke Rik Daems. Jawel, de Rik van de Blauwe Ronde die, voortgaand op zijn blog, als sinds 8 mei met zijn camper in Scherpenheuvel is gestrand. Het is wel erg duidelijk dat de Brabantse afdeling van Open VLD uitgekeken is op de door hemzelf toegemeten politieke talenten van onze Rik. Minder eufemistisch uitgedrukt: men is hem liever arm dan rijk. Als ultieme troostprijs mag hij op de lijst toch nog de rol van lijstduwer spelen in de hoop dat hij daarmee wordt ‘kaltgestellt’. Dat is buiten Rik gerekend want als vriend en vijand hem één ding moeten nageven, is het wel dat hij is een geweldig campagnebeest is. Gedurende een hele legislatuur weet hij zich wonderwel in de totale anonimiteit te verstoppen, maar van zodra er verkiezingen op til zijn, verschijnt hij in al zijn glorie weer in de schijnwerpers. Als geen ander weet hij van zwakheden sterke punten te maken en dus maakt hij een donderende slagzin van zijn troostprijsje: Daems Duwt. Om de ondraaglijke lichtheid van het eigen politieke bestaan te ontstijgen, teistert Rik nu de sociale media met een filmpje waarin hij voortborduurt op het succes van de geslaagde televisiereclamecampagne van Mobile Vikings. De Mortierbrigade viste daarvoor een vergeten hit uit 1981 van de Duitse groep Trio op: Da Da Da. Onze Rik maakte daar schaamteloos een doorslagje van; originaliteit heeft tenslotte ook zijn grenzen. In de productiekosten was duidelijk geen budget voorzien voor een degelijke tekstschrijver waardoor we nu opgescheept zitten met zoiets als: De kiezer staat alweer paraat (aha), mijn camper staat op de straat (aha), maar niet zonder mijn maat (Happy), en ook mijn team staat paraat (aha)… en dan het repetitieve deuntje “Daems, Daems, Duwt”.

Als een politicus zichzelf belachelijk wilt maken, moet hij zich vooral niet laten tegenhouden. Wij zullen er wel lachkrampen aan overhouden. Of die ridiculisering en infantilisering van het politieke vak ook positief zal aanslaan, is nog zeer de vraag. Hoeveel geloofwaardigheid en ‘serieux’ kun je daar nog aan overhouden? Op 27 mei evenwel niet komen klagen en zeuren, niet proberen een antwoord te vinden op de vraag waarom het weer een Zwarte Zondag is geworden zonder eerst de hand in eigen boezem te steken.

Hallo, beste Rik, probeer vòòr zondag toch maar een goed laxeermiddel want dat langdurig en veelvuldig hard duwen, zou wel eens kunnen resulteren in pijnlijke aambeien.

0038

Vanwege uitputting van voorraad foto’s met schitterende beelden van Dany Tulkens, krijgt u vanaf nu, dames en heren, een kleine collectie te zien van het werk van de Leuvense kunstschilder Wouter Steel, in de wandeling ook bekend als ‘de Wappe’.

Ere gewoon

Al enkele weken probeer ik mezelf in te leven in een mij voorheen totaal onbekende status, om niet te zeggen dat ik door deze nieuwe situatie helemaal in de war ben gebracht. Gepieker alom en nog altijd blijven bepaalde, prangende vragen onbeantwoord. Hoe moet het nu verder? Welke houding dien ik in de toekomst aan te nemen? In welke mate moet ik mijn gebruikelijke woordenschat aanpassen om niet uit de gunst te vallen? Welke repercussies zal dit allemaal inhouden op mijn verdere sociale omgang en financiële draagkracht? Zou dit mijn algemeen wereldbeeld aantasten, zoniet helemaal ondersteboven gooien? Wie kan voorspellen welke draai mijn leven zou krijgen?

Het begon allemaal einde april toen er een officieel schrijven in de brievenbus viel, zwierig ondertekend door burgemeester Ridouani. Daarin deelde hij ons mee dat het hem persoonlijk, en met hem zijn voltallige schepencollege, verheugde mijn teerbeminde op 7 mei officieel de titel “eregemeenteraadslid” toe te kennen. Whaw! denk je in eerste instantie. Verdomme Mieke, besef je wel dat jij de allereerste inboorling uit Linde-Peer bent die met zo’n Leuvense eretitel kan pronken? Ga daar maar eens tegenaan. Anderzijds begint er ook iets beknellend te wringen. Dan zit je al geruim drie jaar lang reikhalzend uit te kijken naar 1 januari 2019 omdat er op die dag in dit huis een einde komt aan een periode van 24 jaar gewauwel over dorpspolitiek. Het einde van haast dagelijkse vergaderingen en al die bijkomende verplichtingen van de functie. Helaas, met slechts één briefje blijft je vrouw levenslang geboekstaafd als gemeenteraadslid, zij het nog met het sierlijke adjectief “ere” ervoor. Je raakt er dus nooit meer vanaf.

Bovendien doken in de verte extra problemen op. Moet ik nu meteen naar Arteel stappen om daar een gevelplaat te laten graveren? Misschien wel twee? Eentje voor de gevel van haar geboortehuis in Linde-Peer en een ander voor de Noormannenstraat. Moet het in rood koper of gewoon messing? En welke afmetingen? Waar laat ik nieuwe naamkaartjes drukken? En hoeveel duizendtallen? Met of zonder gouden randje? Zou ik dan dagelijks de vlag moeten uitsteken? Zou op 7 mei fanfare ‘De Ware Vrienden’ volstaan of was het eerder aangewezen te opteren voor een operakoor met het ‘Hallelujah’ van Händel? Zou een triomfboog in onze straat niet te veel verkeershinder veroorzaken? U begrijpt het wel: allemaal theoretische vragen en praktische bezwaren die bij zo’n officiële huldiging spontaan bij je opduiken.

6e89e9d1-172b-4389-8292-e3bb58acd931

(Foto Het Nieuwsblad)

En toen was het dus 7 mei. Ik mocht/moest met Mieke mee, in haar kielzog en als een soort prins-gemaal in haar schaduw. Plichtbewust schreden we om 19 u statig de voorzaal van het stadhuis binnen. Moederziel alleen. Compleet vergeten rekening te houden met het obligate ‘Leuvense kwartiertje’. Om het kort te houden: een uur later stonden de feestvarkens allemaal met een glaasje veel te dure schuimwijn Meerdael in de hand en was het allemaal afgelopen. Allemaal glunderende gezichten, bij de ene al iets hartelijker en meer gemeend dan bij de andere. De ene dolgelukkig met de beslissing geen plekje op de verkiezingslijst meer te hebben opgeëist, de andere wrokkig omdat het op 24 oktober vorig jaar niet gelukt is. Toch allemaal enorm blij dat ze het Tobback-tijdperk met zo weinig mogelijk kleerscheuren overleefd hebben. Een enkeling zelfs met veel spijt dat daaraan een einde is gekomen.

Op weg naar een frisse Stella probeerde ik mijn teerbeminde aan te spreken met “Mevrouw het eregemeenteraadslid”, een titulatuur waar ik al weken intens en in alle stilte op geoefend had. Helaas, struikelde mijn tong al over de vierde lettergreep waarop het besluit volgde dat het voor de rest van onze levensdagen gewoonweg bij ‘Mieke’ zal blijven.

0-4

 

 

Doebidoebidoe

Zondag 12 mei; nog één IJsheilige te gaan. Rond 20.50 u. worstelt het licht van de dag met de duisternis. Ik laat Huub uit en jawel hoor, bij de eerste stap naar buiten word ik verwelkomd door een mij welbekend schrille gegil: een gierzwaluw. Over de rand van de daknokken heen kan ik nog net een koppeltje zien wegvliegen. Eindelijk! Ze zijn er! Eindelijk kan mijn lente beginnen. Voilà, en daar krijg ik al meteen drie keer na elkaar een veelbelovende mooie lentedag. Lekker zonnig en voldoende windstil om een hele dag op het terras te zitten lezen, één oog in m’n boek, het andere naar het zwerk gericht in de hoopvolle verwachting dat ik in mijn literatuur gestoord wordt door de roep van de gierzwaluwen. Noppes! Een bevestiging van de oeroude wijsheid dat één zwaluw nog altijd geen lente maakt. Twee zwaluwen blijkbaar ook niet.

Smachtend is het nu uitkijken naar 27 mei. Laat er a.u.b. snel een einde komen aan al die ellendige verkiezingskoorts. Het moet van 1966 geleden zijn dat ik nog zo hard naar een streefdatum heb uitgekeken als nu, naar het einde van mijn verplichte legerdienst, namelijk. Ook toen leken die laatste twee weken een eeuwigheid te duren en leek alles één grote zin- en nutteloze bende. Ook net als toen zit ik nu alweer met de grote levensvraag “Waar slaat dit allemaal eigenlijk nog op?” Radio- en televisietijd worden opgevuld met holle leuzen, valse beloften en oeverloos gezwam. Over de problemen die er écht toe doen, krijg je nauwelijks wat te horen, laat staan dat daarvoor ook maar een vleugje van een oplossing wordt gesuggereerd. De brievenbussen kunnen de verkiezingsfolders en andere onzin nauwelijks slikken. Op de kleinste markt of het minste evenement duiken plots sociaal druk taterende en handjes schuddende personages op die, voor zover je ze al herkent van een of andere poster, na 26 mei weer in de hun vertrouwde totale onbekendheid en anonimiteit verzeilen.

Vol plaatsvervangende schaamte keek ik naar partijvoorzitters die in een kinderprogramma de sympathieke tante of vrolijke oom kwamen uithangen. Ze werden ondervraagd door 8-jarige snotneuzen w aarvan het intellectuele niveau minstens drie keer dat van de geïnterviewden oversteeg. Wat bij mij spontaan de vraag opriep waarom al die kinderachtige verkiezingsonzin niet op Ketnet wordt uitgezonden zodat Canvas weer op gewone dagorde kan overschakelen. Eén enkel lichtpuntje in al deze ellende: de scherpe analyses van Zinzen van Van Cauwelaert, die twee oude “grognards” die met het priemende vingertje van één woord al die opgeblazen zeepbellen uit elkaar doen spatten. Geweldige tv!

Prijsbeest van deze week is (alweer!) onze onvermoeibare Rik Daems. In een folder van Open VLD wordt hij voorgesteld als “Doebidoebi Daems”, een flauwe toespeling op de blauwe slogan “Doe mee”. Rik beweert daarin van zichzelf dat ervan houdt om ‘out of the box’ te denken en op zoek te gaan naar vanzelfsprekende oplossingen. Daar krijgen we zwart op wit dan meteen een voorbeeld van. Met enig genoegen geef ik het hier letterlijk weer, niet alleen vanwege het baanbrekende van zijn oplossing maar ook een beetje vanwege het gedurfde taalgebruik:

“Eén van mijn laatste ideeën is zelfs gelinkt aan het klimaat. Als je vandaag naar eender welke winkel gaat, zijn ze verplicht om je een ticket te geven. Hoeveel bomen zouden daar niet voor sneuvelen? Mijn voorstel is om de verkoop wel te registreren in de kassa, maar het ticket enkel af te drukken op vraag van de klant. Dat is ecologie op de liberale manier. En zo blijf ik graag nadenken over hoe we de maatschappij én de economie kunnen verbeteren.”

Kijk, dat slaat mij nu eens helemaal uit m’n sokken, zie. Een ticket alleen op aanvraag, verdomme toch, dat niemand vòòr Doebidoebi op dit schitterende idee is gekomen. Als al die andere politici ook eens een beetje moeite zouden doen, zo intens en net zo lang als Rik nadenken, zou deze wereld er intussen helemaal anders en veel beter uitzien, zowel maatschappelijk als economisch. Wat prijs ik met toch gelukkig dat Rik deel uitmaakt van de Leuvense gemeenteraad om dit stadsbestuur met zijn onvoorstelbaar ingrijpende voorstellen te bestoken en zijn licht over deze stad te laten schijnen.

Intussen is Doebidoebi Daems nog altijd met zijn camper onderweg voor zijn Blauwe Ronde. Dat was toch de bedoeling. Als overtuigde Daems-fan volg ik dagelijks zijn blog maar helaas, sinds 8 mei is er daarop niets meer verschenen. Dag 19 “Kaarsjes in Scherpenheuvel” is zijn laatste mededeling. Wat spijtig toch. Misschien toch eens naar Ketnet bellen, Rik. In jouw Blauwe Ronde zit ongetwijfeld een spannende en informatieve reportage; dat mag je onze kinderen toch niet onthouden. En blijven nadenken over hoe je de maatschappij én de economie kunt verbeteren.

dany3

 

 

 

Een vleugje vitriool en schijnheiligheid

“Oei, oei, Johan, hoe harder je in een stront roert, hoe harder die gaat stinken,” dacht ik eerder deze week. Voormalig journalist en Amerika correspondent Johan Depoortere had in een vlammend opiniestuk in De Morgen de staat Israël en het aldaar plaatsvindende Eurovisie Songfestival onder vuur genomen en erop aangedrongen dat de VRT dat maar beter niet kon uitzenden vanwege het totale misprijzen van de mensenrechten die in dat land dagelijkse kost zijn. Hoewel ik de argumentatie van Depoortere in zijn kritiek op Israël voor minstens 99 % kan volgen, raakt het mijn koude kleren niet of de VRT deze jaarlijks weerkerende aanfluiting van het begrip “songfestival” al of niet zou uitzenden. Mij is het al eender in welk land dan ook dit monsterlijke toonbeeld van wansmaak georganiseerd wordt. Wie ernaar kijken wilt, hoeft dat voor mij geenszins te laten. Trouwens, op onze vaderlandse televisiezenders is nauwelijks iets anders te zien dan programma’s die de cijfers van ons BNV (Bruto Nationale Vervlakking) spectaculair de hoogte in jagen. En er bestaat nog altijd zoiets als een “zapper” of afstandsbediening. Om van een aan/uitknopje niet eens te spreken.

Waar die “Oei, oei, Johan” van hierboven vooral op slaat, betreft eigenlijk het voorspelbare vervolg op zijn ingezonden stukje. Je kon er donder op zeggen dat Michaël Freilich nog diezelfde dag in de pen zou kruipen om Depoortere met vitriool te overgieten en helemaal met de grond gelijk te maken, in dezelfde trant als waarmee Israël dagelijks Palestijnse dorpen plat walst. Helaas, Freilich is (voorlopig?) geen hoofdredacteur meer van Joods Actueel en moet zich thans gedeisd houden, kwestie van niet te veel mogelijke N-VA stemmers tegen de haren in te strijken. Niet getreurd evenwel, in Hans Knoop heeft Michaël een perfecte spreekbuis en vervangende bulldozer gevonden. En hopsa, daar gaan we weer dansen op dezelfde, alom bekende wijsje. Het zijn allemaal ‘klassieke en dieptreurige” leugens die Depoortere uitkraamt en diens kritiek op het zionisme is niets minder dan regelrecht en puur antisemitisme. De gebruikelijke verwijten, wat had je anders verwacht.

In de repliek van de heer Knoop staat echter één zinnetje dat tot nadenken stemt: “Nergens ter wereld (dan in Israël n.v.d.r.) zijn zoveel ngo’s actief die zich inzetten voor de rechten en belangen van het Palestijnse volk.” Oeps, als Knoop dit bedoelde als ultieme bewijs van het eigen gelijk, zit hij er m.i. toch behoorlijk naast. Als er zoveel ngo’s nodig zijn om de belangen en rechten van een bepaalde bevolkingsgroep te verdedigen, bewijst dat alleen maar dat er met die rechten en belangen iets fundamenteel fout zit. Op Artsen Zonder Grenzen hoef ik geen beroep te doen voor een griepje; die hebben het veel te druk in oorlogsgebieden. Handicap International spant zich niet in om vuurwerk te verbieden maar wel om landmijnen te bannen. Amnesty International zal niet tussenbeide komen als Maggie De Block in debat gaat met Theo Francken. Human Rights Watch zal zich wel uit Israël terugtrekken van het ogenblik er daarmee geen problemen meer zijn.

Wat Knoop er ook niet bij vertelt, is dat die ngo’s door de Israëlische regering weliswaar geduld maar toch danig tegengewerkt worden. Is het niet dat ze hardhandig worden aangepakt, dan worden ze er toch openlijk van verdacht geïnfiltreerd te zijn door terroristen. Is het niet dat Omar Shakir van Human Right Watch, die vorig jaar nog met deportatie bedreigd werd en een inreisverbod kreeg, dan zal Netanyahu er zonder blozen Europa wel van beschuldigen een netwerk van Palestijnse bommenleggers te financieren. Bijzonder verhelderende informatie daarover krijg je regelmatig te lezen in The Times of Israel. De lange tenen van Israël hebben intussen wel een schoenmaat nodig die de omtrek van de aarde benadert.

Blanco

Tijdens een gelegenheid waarop iedereen van ons liever niet aanwezig was geweest, stond ik onlangs nog met diezelfde Johan Depoortere en enkele voormalige en huidige VRT coryfeeën aan een tafeltje. Een van hen was Phara de Aguirre die me vroeg of ik niemand kende die in oktober vorig jaar blanco of ongeldig had gestemd. Naar aanleiding van de nationale verkiezingen wilde ze die mensen ook eens aan het woord laten in een programmareeks. Oeps, nu vang ik binnen mijn kennissenkring wel eens een kritische noot op over de ‘kiesplicht’ maar de meesten van mijn vriendenschaar zijn wel voldoende democraat om het accent op ‘stemrecht’ te benadrukken. Dus moest ik Phara ontgoochelen, weliswaar met de bedenking of haar plan wel zo’n goed idee was, kwestie van slapende honden niet wakker te maken en mensen niet aan te sporen om die voorbeelden te volgen. In Leuven bedroeg het aantal blanco’s zowat 2,2 %, dus te verwaarlozen. Niet roeren in een stront, nietwaar… Johan Depoortere viel me daarin bij en stak een hele tirade af over de rechten en plichten binnen een democratisch stelsel en dat de openbare omroep zich maar beter met ernstige dingen kon bezig houden in plaats van naar sensatie te zoeken die alleen maar bedoeld was om “te voldoen aan de tirannie van de kijkcijfers”. Bleek ook dat het elektronisch stemmen, zoals in Leuven bijvoorbeeld, ongeldig stemmen wel erg moeilijk maakt en dat je de truken van de foor maar beter voor jezelf kunt houden. Een aangename en fraaie discussie, als het ware.

Koppige tante als ze is, laat Phara zich niet uit het lood slaan en zodoende was deze week de eerste aflevering van haar programma ‘Blanco’ te zien. In het Antwerpse havenkwartier probeerde ze enkele dokwerkers het snot uit de neus te peuteren, in Ninove vond ze een oerkatholiek die elke partij veel te tolerant vond en niet in overeenstemming met zijn overtuiging, en in Wallonië vond ze enkele ‘gilets jaunes’ die het vooral hadden over de gezelligheid op hun wekelijkse samenkomsten en hoe bevorderlijk dat wel niet was voor intense sociale contacten. Amper iemand die verder kwam dan het gekrijs van al lang en algemeen gekende slogans die vooral de eigen zuurheidsgraad benadrukten. Ik zat erbij en keek ernaar en kon nauwelijks een geeuw onderdrukken. Weer zonde van de zendtijd, weer een niet ingeloste belofte, weer iets waarvan de noodzaak en de relevantie mij totaal ontgaan is.

Wapentuig

Het schijnheilige cynisme van de Belgische mediocriteit kende deze week ook alweer een hoogtepunt. #BelgianArms, een samenwerking tussen het onafhankelijke mediahuis Lighthouse Reports, onderzoeksplatform Bellingcat, de VRT, Knack en Le Soir, heeft namelijk uitgepluisd en bewezen dat de Saoedi’s in Jemen schieten met F2000 geweren. Een gegeven wat iedereen met een minimum aan verstand al veel langer met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid al wel kon vermoeden. Aan het Martelaarsplein in Brussel richt men nu gretig het beschuldigende vingertje naar Wallonië want die wapens komen van FN Herstal en dat is volledige eigendom van het Waalse gewest dat daarvoor ook nog eens de exportvergunning mag toekennen. Intussen vergeet Vlaanderen er wel bij te vertellen dat Barco, met hoofdzetel in Kortrijk én met Vlaams overheidsgeld, de technologie levert voor de accuraatheid van geschutskoepels en de Eurofighter-vliegtuigen.

Wat een godverdomde huichelachtigheid! Als je wapentuigen maakt, is dat met de bedoeling ze te verkopen, en als je ze verkoopt aan een leger, ook al is dat van Saoedi-Arabië, wéét je maar al te goed dat die wapens ook degelijk gebruikt zullen worden. Tot grootste scha en schande van de Jemenieten en de honderdduizenden andere slachtoffers die kennis maakten met Belgische munitie en het niet meer kunnen voortvertellen.

DSCN3397