Vr 02/06 Opgelet: overstekende platanen!

 

Het mensdom heeft het toch al zo moeilijk om mij een greintje sympathie en geloofwaardigheid te ontlokken en nu doet die oranje oetlul uit de USA er nog een schepje bovenop. Laten raaskallen, denk ik dan, maar ook: hoe lang komt die flapdrol daar nog allemaal mee weg. Wanneer staan de weinige Amerikanen die niet zo dom zijn als de doorsnee Trump-kiezer – en die zijn er gelukkig nog – eindelijk eens opstaan en dat stukje zelfingenomenheid ten val brengen? Intussen moeten we nog wel drie en half jaar verder met dat stuk onbenul en het is bang afwachten welke nonsens die geestelijk gestoorde voor de mensheid nog in petto heeft.

Nu ja, in ons eigen landje moet men ook al heel ver gaan zoeken naar enige redelijkheid en verstand. Een bewindvoerder die het stadium ‘opgeblazen kikker’ lichtjes ontgroeid is, kun je bij ons nauwelijks vinden. De heer Ben Weyts, die zichzelf als mobiliteitsminister in de markt zet, is alweer van een – volgens zijn kabinet dan toch – prachtig idee bevallen. De bomen langs gewestwegen mogen in de toekomst niet dikker worden dan 10 cm diameter. Dat zou het zorgwekkende aantal dodelijke verkeerslachtoffers verminderen. Er schuilt enige logica achter dat voorstel. Immers, hoe dunner de boom, hoe meer ruimte ernaast en hoe minder kans om er tegenop te knallen. Ik daag iedereen uit die kan vertellen dat hij/zij in zijn/haar omgeving iemand kent met deze ervaring: “Oei, ik reed hier tegen 50 km per uur voorbij en plots dook er een plataan op die zonder signalen, én zonder verlichting, de weg overstak, mijnheer de rechter. Ik kon hem echt niet meer ontwijken.” Waarop die rechter de chauffeur in kwestie volledig in het gelijk stelt omdat die boom een diameter had van 12 cm.

Met ernstig beleid daarentegen heeft dit voorstel wel niets, maar dan ook totaal niets, van doen. Zorg er verdomme voor dat onze wegen kwalitatief verbeteren, haal de laagvliegers van de weg af, voer meer controles uit en doe iets aan de trieste mentaliteit van onze chauffeurs. Op dat vlak hebben wij Belgen toch al geen al te voorbeeldige reputatie in de rest van de wereld.

Diezelfde Weyts had eerder deze week al een kemel geschoten en zich de woede van ettelijke camperaars op de hals gehaald. Volgens de nieuwe voorschriften van de autokeuring moeten de zitplaatsen waar geen passagiers mogen zitten tijdens het rijden, aangeduid zijn met een sticker. Helaas, de desbetreffende stickers, conform aan de wet, moeten nog ontworpen worden, laat staan dat ze al gedrukt en verkrijgbaar zouden zijn. Intussen hebben tientallen campereigenaars hun karretje zien afkeuren. Ernstig beleid?

De Vlaamse regering telt nog zo’n kampioen met een totaal eigen logica: la Schauvliege. Sinds 2006 heeft de Vlaamse overheid al een half miljard euro (500.000.000 !) uitgegeven om de ammoniakuitstoot van veestallen te beperken. Blijkt nu dat die uitstoot – ondanks alle lieve subsidies – niet verminderd is. “Zie je wel dat ons beleid écht werkt,” zegt La Schauvliege daarop. “Immers, de laatste vijftien jaar is de veestapel sterk toegenomen en de daaraan gekoppelde ammoniakuitstoot is naar verhouding niet gestegen.” Tja, La Schauvliege… “Jawel, mijnheer de rechter, ik volg mijn ontwenningskuur zeer strikt en houdt me daaraan. Vandaag heb ik hetzelfde promille alcohol in m’n bloed als gisteren, hoewel ik vandaag meer gedronken heb als gisteren. Dus werkt mijn ontwenning wel.” Voor dat soort logica, slechts één adres: Martelaarsplein te Brussel.

Hugo en Agnes vliegen vandaag weer naar huis maar dat belet hem niet tot op het allerlaatste nippertje van hot naar her te rijden. Daar moet nog een stoel worden vervangen, hier nog een andere bestek, ginds nog wat extra handdoeken. Als het dan toch zo ver is om afscheid te nemen, klinkt dat zo goed als een “tot morgen”. Daar moet je wel speciaal voorzichtig mee zijn want bij Hugo weet je maar nooit. Voor hetzelfde geld staat die straks ook alweer aan je deur. Pas als Louis en Gerarda – de gelegenheidchauffeurs – weer terug de camping oprijden, heb je enige zekerheid dat hij ook de luchthaven is afgeleverd.

De rest van de namiddag heb ik “De ontdekking van Frankrijk” van Graham Robb zitten navlooien. Op pagina 35 schrijft die over een gehucht Goust, en dat kwam tijdens ons etentje van woensdag ter sprake. Frey sprak over zijn eventuele terugroute naar huis. In november wilden ze vanuit Biescas de Pourtaletpas nemen naar Pau maar halverwege kon het niet meer verder vanwege overvloedige sneeuwval. Dus moest het toch maar via de Somport. Nu zouden ze dat opnieuw proberen (de pas is nu open!). Vorig jaar maakte ik het omgekeerde mee. Vanwege een grootscheeps wielerevenement was de Somport heel de dag afgesloten en met bijzonder veel geluk en vooral vanwege het vroege uur kon ik nog snel via de Pourtalet naar Spanje. Nu wil al heel lang stoppen in Laruns en Eaux-Chaudes, twee locaties die op de weg daarheen liggen. Immers, ik wilde wel eens weten of Graham Robb het bij het rechte eind had. Namelijk, daar ergens in de buurt, hoog in de Pyreneeën, ligt het veel besproken Goust, pakweg 2,5 km2 groot. In de Vrede van Westfalen (1648) zouden Spanje en Frankrijk overeen gekomen zijn dat dit gehucht een aparte republiek zou worden. Helaas, is daar in de het desbetreffende verdrag niets van terug te vinden. Hoe dan ook, toen ik in Laruns een koffie ging drinken, werd daar bevestigd dat Goust nog altijd niet bij Frankrijk hoort maar dat het wel 3,5 uur klimmen was om er te komen. Vanuit Eaux-Chaudes zou het minder lang duren. ’t Zal voor een andere keer zijn, dacht ik toen, en dat denk ik nog altijd. Maar… geoefende bergwandelaars zoals Frey en Fab mogen er voor mij altijd eens een kijkje gaan nemen. Voor mij persoonlijk zal Goust altijd blijven wat het is: de kleinste republiek ter wereld, althans volgens Robb.

29502723.790
Goust, de kleinste republiek van de wereld, zal het zonder mijn bezoek moeten stellen.

 

 

Do 01/06 Afkoeling gezocht

 

Verdikkeme, ’t is nog maar net nieuwjaar geweest en het is alweer 1 juni. Gisteren had ik het er met Frey nog over: al heel mijn leven lang probeer ik 26 uren in een dag te persen, 35 dagen in een maand en 13 maanden in een jaar. Het is me nog altijd niet gelukt en of hij misschien een beter middeltje wist? Neen dus. We zullen er dus moeten in berusten dat de tijd veel te snel vliedt en dat elke seconde een oneindig kostbaar maar helaas ook maar een éénmalig geschenk is.

Gisteren ook vernomen dat Nico en Christa deze ochtend heel vroeg weer naar huis zouden vliegen. Ik kan me wel honderd keer tegen m’n eigen oren kletsen omdat ik gisteren niet snel afscheid ben gaan nemen. Neen, mijnheer moest absoluut via de 332 naar huis rijden in plaats van nog even op de Cap binnen te wippen. En dan moet je de hond zijn eten geven, moet je zelf nog dringend naar het toilet en daarna heb je geen zin meer om nog naar Albir te rijden.

Louis en Gerarda zijn gisterenavond laat gearriveerd en blijven een week of twee. Die knie van Gerarda is nog altijd niet genezen. Dat gedoe moet nu toch al bijna drie maanden aanslepen. Hugo is druk met het opruimen van Helsinki 1. Daar nog een stukje tapijt bijvoegen, hier een stevige voet onder de parasol zetten, enkele nieuwe zetels aanvoeren… We staan met z’n beiden op het algemene resultaat te kijken met de opmerking: Wel, wel, wel, al met al is het een mooie plek geworden.

Ook overbuurman John is druk doende de sporen van de voorbije overstromingen weg te werken. De met het water meegevoerde kiezelsteentjes zijn tot op zijn terras terecht gekomen. Hij is trouwens niet de enige deelnemer aan de Britse invasie van de voorbije twee dagen. Ook deze nacht om 1.30 u kwamen hier nog rolkoffertjes voorbij gerateld. De laatste vlucht uit Engeland komt in Alicante erg laat aan, tegen of na middernacht. De laatste shuttlebus wacht op die passagiers die daarna nog in haast elk hotel van Benidorm moeten gelost worden. Benisol zit helemaal achteraan in het routeschema. Zelf ben ik daar ook al eens het slachtoffer van geweest, toen ik nog op Cap Blanch zat. Toen moest ik eerst anderhalf uur wachten op de luchthaven en kwam ik pas om half drie in Albir aan.

Huub afkoeling bezorgen – en mezelf ook – is zowat mijn belangrijkste namiddagtaak. Zelfs in de schaduw kruipt het kwik tegen 35°C aan en elk zuchtje wind is dus meer dan welkom. In normale omstandigheden krijg ik hem nauwelijks tot aan de parking, niet eens honderd meter van hier, maar met een natte pels doet hij het al wat vlotter. Intussen zit ik wel te hunkeren naar een toldo. Ze zijn er (eindelijk!) wel mee bezig die op te hangen maar blijkbaar krijgen de leegstaande plekken voorrang. Tja, het is ook iets makkelijker werken als er niets in de weg staat. Hoop doet leven.

De passage bij F&L loopt langer uit dan gepland. Als Frank begint te vertellen over zijn vorige leven als havenloods, kan ik daar uren geboeid naar luisteren. Het is dan ook een vakgebied waar de meeste mensen zich maar weinig kunnen bij voorstellen.

Mieke moet deze avond naar de voorstelling van het nieuwe seizoensprogramma van 30CC, het Leuvense cultuurcentrum. Tja, zonder Wellens kan die brochure nauwelijks worden gepresenteerd, nietwaar. Ik begin haar er steeds meer van te verdenken dat voor haar elk excuus goed genoeg is om de deur uit te gaan. In dit geval luidt het excuus: Mick C. en Kristin H. Wat een geluk dat er nog zo’n vriendinnen bestaan.

IMG_2696
Jawel, Helsinki 1 ziet er goed uit. Iemand kandidaat om deze plek te huren?

Woe 31/05 Sleutel kwijt? Maar neen, mijnheer!

 

Het ziet er sterk naar uit dat het weer een hete dag zal worden en daarom sta ik heel vroeg op. Huub heeft toch al zo’n last van de warmte en dus kun je er maar beter mee naar buiten voor het echt te heet wordt. Voor het slapen gaan heb je ook plannen zitten smeden om er eens aan te beginnen. Nog twee dagen en Mieke staat hier. Dan moet het hok er toch een beetje netjes bij liggen. Te meer omdat het hoogst waarschijnlijk de laatste poetsbeurt van dit seizoen wordt. Maar… wel zoals altijd met mannen die plannen maken: er komt weinig van in huis. Je moet immers eerst de kranten lezen en met de boekenbijlage van vandaag duurt dat wat langer dan gepland en dan komt Jan afscheid nemen. Die is gedurende twee maanden mijn overbuurman op nr 1 geweest. Veel last heb ik er niet van gehad maar ik heb er wel heel vaak mee moeten lachen. Goed bedoeld, hoor. Eerder een bescheiden monkellachje. Jan viel bijna elke dag uit de hemel, ging erg onhandig om met nieuwe dingen en gaf altijd wel de indruk dat hij zoniet van een andere planeet dan toch uit een ander continent afkomstig was als de doorsnee kampeerder hier op Benisol. In het begin stond je daar stomverbaasd naar te kijken, na een tijdje werd het voorspelbaar en als het dan toch alweer gebeurde, kon je moeilijk een grijns onderdrukken. In oktober komt hij terug.

Wie vandaag ook vertrekt, zijn Mieke en Fernand en vooral voor haar vind ik dat minder aangenaam. Het klimaat hier en de al bij al meer ontspannen sfeer heeft haar deugd gedaan. Ze heeft weer een gezonde blos op de wangen en nu wordt het weer bang afwachten wat het volgende onderzoek als resultaat zal opleveren. Hugo en Agnes vertrekken vrijdag maar deze avond heel laat komen Louis en Gerarda terug aan. Lenneke en Tibor zijn even naar Nederland voor een begrafenis maar die zouden vrijdag ook alweer terug zijn. Om de week nadien met de caravan weer naar het noorden te trekken.

Tegen 14 u heb ik afgesproken met Frey en Fab, en met Luk en Carine, om in de jachtclub van Altea te gaan eten. Intussen is het wel stevig beginnen waaien zodat je de parasols maar beter dicht kunt laten, wil je die niet op het golfterrein zien terug te vinden. Een Spaanse medekampeerder, hier wat hogerop, is vergeten zijn zonnetentje in de grond te bevestigen waardoor het op het aanpalende perceel is beland. Ook in de haven van Altea is één trekgat met dansende zeilboten en het gekletter van het wantwerk op de achtergrond. Het is er behoorlijk goed eten tegen een schappelijke prijs. Met zijn vijven krijgen we amuse, voorgerecht, hoofdschotel, dessert, koffie, carrachillo, drie flessen wijn voor € 95 of niet eens € 20/pp.

Verdekkeme toch, wat zit ik graag met F&F aan dezelfde tafel… Dan sta je geen moment stil bij wat er op je bord komt, laat staan dat je ook maar één seconde aan de onvermijdelijk volgende rekening denkt. Frey tapt wel eens een mop die hij misschien al wel twintig keer verteld heeft – en waarbij de pret dus al vanaf het eerste woord begint – maar er komt ook wel altijd iets uit wat je voordien nog niet gehoord hebt. Vandaag is dat de stunt met verloren gelegde sleutels op een drukke bedevaartsdag in Scherpenheuvel met de vraag om bij vondst naar een bepaald telefoonnummer te bellen. Als je de slachtoffers en hun voorspelbare reactie niet kent, zie er misschien de lol niet van in. Hoewel je in stilte hoopt nooit het slachtoffer van zo’n smerige streek te worden, is het wel om je te bescheuren. Vooral als je weet wie de dupe van het verhaal is.

Een diepe bedenking tussendoor. Van zodra ik ook maar één teen op Cap Blanch binnen zet, krijg ik de vraag om de oren of het me op Benisol wel bevalt en of ik geen zin heb om terug naar de Cap te komen. Steevast maak ik me daar van af met de opmerking dat de zon even hard in Benidorm schijnt als in Altea en Albir, en dat is toch waarom we hier zijn, nietwaar. Uiteraard zou ik ook liever buiten de camping komen met een prachtige baai voor m’n ogen i.p.v. een drukke 332, uiteraard is het leuk als je in een straal van 500 meter de keuze hebt tussen wel honderd aangename restaurantjes. Maar… een betegeld terras, een voortent met een stenen vloer, een keukengebouwtje met alles erop en eraan, stromend water en afvoer, een water gespoeld toilet voor mij alleen, échte warme douches, wegen zònder opdwarrelend stof… je bent er allemaal snel aan gewend. Het enige wat ik hier mis zijn F&F. ’s Ochtends een handsignaal naar de overkant geven, toekijken hoe zij zich klaar maken voor de zoveelste wandeling in de bergen, een scheve mop vertellen als ze tijdens het petanque langskomen, samen de was gaan doen in Altea, een bescheiden klopje op de deur ’s avonds laat met “Kom, kameraad, schenk eens een whisky’tje in en laat mij er eentje rollen”, soms gevolgd door wel diepzinnige gesprekken, onze gezamenlijke strooptocht naar eettenten waar je voor € 10 p/p aan je trekken komt. De intense vriendschap en het samen lachen. Dàt mis ik wel, ja. Van dat laatste krijgt een mens nooit genoeg. De rest is bijkomstig.

Ik moest naar huis want het was etenstijd voor Huub en die zat bij F&L. Daar waren ook Alex en Francine op bezoek. Die hebben samen met Frank de heen- en weer naar België gemaakt. Alex wilde zijn neef uit Canada ontmoeten die met een groepsreis doorheen Europa trok. Die zou een dag in Brugge zijn en daar hadden ze met elkaar afgesproken. Kleine misrekening want een lichte wijziging in het programma en dus zou die neef pas in Brugge aankomen als Alex & C° alweer een tijdje op het vliegtuig terug naar Alicante zouden zitten…

Wie ook weer present geeft, is overbuurman John. Die is hier half oktober vorig jaar vertrokken en sindsdien had die geen teken van leven meer gegeven. En jawel hoor, ook hij deelt in de klappen die werden uitgedeeld door het slechte weer en alle ontij die we in november/december over ons heen hebben gekregen. Het water dat als een schuimende beek aan zijn perceel voorbij stroomde heeft zijn voordeur niet als limiet beschouwd. Een karpet is hopeloos verloren en zijn houten vloer is helemaal scheef getrokken. Hopelijk neemt hij mijn suggestie ook ter harte, namelijk: eerst zandzakjes leggen als hij weer naar huis gaat.

Mieke heeft het weer druk, druk, druk. Morgen zal ik dan toch maar eens beginnen met de boel schoon te maken zodat zij nog enkele dagen kan bekomen voor wij op onze beurt de terugreis naar Leuven weer aanvatten.

Maar neen mijnheer, wij zijn geen sleutels kwijt… met lachkrampen kruip ik in m’n bed.

IMG_4898
Waar ik niet genoeg van krijg en erg mis: lachen!

Di 30/05 Emperador

 

Bijna had ik hier geschreven: voor het verslag van vandaag, lees dat van gisteren. Toen kreeg ik plots telefoon. In de voormiddag. Verdacht. Toch niets gebeurd met Mieke? Geen Mieke maar toch een Wellens. Thomas namelijk, zoon van haar broer Eddy. Met de vraag of ik vandaag nog in op Benisol aanwezig was. In dat geval zou hij eens langs komen. Hij is namelijk voor een weekje met vakantie in Torrevieja bij de schoonfamilie. In de namiddag kwam hij een zijn vriendin Monique hier aan. Ze hadden er een toeristische verkenning van Benidorm opzitten en ze hadden nog altijd pijn aan hun lachspieren van wat ze daar te zien hadden gekregen. Kreeftrood verbrande Britse bierpensen, kwabbige fish&chips dames in veel te krappe bikini’s die in hun scootmobiel de wandelpier onveilig maakten. Benidorm is niet alleen een remedie tegen de liefde maar ook tegen elke vorm van esthetica en goede smaak, en onder het mom van “het-moet-niet-goed-zijn-als-het-maar-veel-is” ook tegen elk gastronomisch en oenologische genot.

Och ja, we zijn weer een beetje bijgepraat over familiale ontwikkelingen tijdens mijn afwezigheid, over carrièreplanning en toekomstige vooruitzichten van deze nieuwe generatie (net een huis gekocht). Deze oude man luisterde ernaar en vond dat het uiteindelijk allemaal wel in orde zal komen.

Intussen komt Frank weer de camping opgereden na een weekuitstapje naar België om ginds een hoogst noodzakelijke papierwinkel bij de gemeentelijke administratie af te handelen. Om Lea te laten verwerken dat het ook gedaan is met haar week vakantie stel ik voor om iets te gaan eten. Om het erg eenvoudig te houden, willen we het campingrestaurant nog eens een kans geven. Vaststelling 1: de frietjes worden niet langer geteld en je krijgt er tegenwoordig meer dan een dozijn. Vaststelling 2: het bijgevoegde groenvoer bestaat niet langer uit twee blaadjes sla maar is tegenwoordig ook getooid met tomaat, ui, zoete pepers en olijven. Vaststelling 3: de zwaardvis smaakt niet langer naar een versleten schoenzool maar is net sappig genoeg gebakken. Slotsom: als de evolutie zich op deze manier en tegen dit tempo voortzet, zou het wel eens kunnen dat we er binnen drie, vier seizoenen weer wekelijks gaan tafelen.

Mieke belt laat die avond. Ze is net terug uit Rome, is doodop (waarom verbaast me dat niet?) en gaat meteen naar bed. Persoonlijk vind ik dat een tiptop voorstel en helemaal tegen mijn gewoonte in, kruip ik al om 22 u in m’n bed.

Ma 29/05 Repetitief

 

Haal mijn bijdrage van gisteren weer op, neem er de passages over Tom Dumoulin en Nafi Thiam uit weg, en u krijgt een perfect verslag van wat er zich deze maandag heeft afgespeeld. Mag ik het me voor één keer ook eens gemakkelijk maken, ja?

rome
Rome heeft een nieuwe triumviraat gevonden. De twee dames mogen beginnen af te tellen; de heer Claes zal nog wel even blijven.

Zo 28/05 Scootmobiel

 

Voilà, het gebeurt me niet vaak – veel te weinig, zou ik zeggen – dat een stille wensdroom ook écht uitkomt: Tom Dumoulin pakt in Milaan toch die roze trui. Met iets minder zenuwen had hij wellicht ook zijn derde ritzege te pakken maar wie gunt het Jos van Emden niet? Die heeft al vaak bewezen een TGV op twee wielen te zijn. Eind goed, al goed. Laat Nederland maar een beetje uit de bol gaan. Voor hen is het de eerste Giro-overwinning. Wij hebben er 7 op de teller staan (5 x Merckx, 1 x Pollentier) maar na Johan De Muynck in 1978 staan we ook droog. Spijtig genoeg heeft onze Leuvense Jasper Stuyven net naast een etappezege gegrepen. Over zijn eindstand – op bijna 3 u 55’ – zullen we maar niet te lang blijven zeuren.

Iets meer in de luwte maar wel extremer tot de verbeelding sprekend is de prestatie van Nafi Thiam: 7013 punten. En die vond zich vorige week nog niet in bloedvorm, volgens haar eigen woorden. Er zijn haar nog maar twee dames voorgegaan in het ronden van de 7000-kaap. Tja, een Waalse met Afrikaanse inslag… bepaalde Vlamingen zullen daar niet blij mee zijn. Ik wel.

Ziezo, daarmee is dan ook het belangrijkste gezegd van wat er zich deze zondag heeft afgespeeld. Beetje lezen, beetje woordjes zoeken voor de doorlopers, beetje (veel) koers kijken. En zoals haast elke dag, gemaakte plannen bijstellen. Zo was het vandaag weer veel te heet om eens naar de Cap Blanch te rijden. Het idee alleen al om Huub in een oververhitte auto te laden, doet je van dat voornemen afstappen. Schaduw opzoeken, dat is de echte reden waarom ik hier ben. Immers, de meest bindende voorwaarde om in de lommer te zitten, is dat de zon eerst moet schijnen. En dat doet ze.

De vrolijke avonturen van Mieke in Rome moet ik zelf ook volgen via Facebook. Wat me eraan herinnert dat ik bij thuiskomst dringend een onderhoud moet hebben met de heer Eric Claes. Dat is een fervent Rome reiziger die in die stad meer vertoeft dan in Leuven. Hij kent er elk duister achterafstraatje waar de doorsnee toerist aan voorbij loopt maar waar je wel etablissementen vindt waar diezelfde toerist niet op zoek naar gaat. Zaken waar de inhoud van het glas of wat er op het bord komt belangrijker zijn dan de schone schijn en de glitter waarmee toeristisch bekeken beter gesitueerde collega’s hun waren proberen te verpatsen. Dat Mieke van mij probeert telkens met hem af te spreken om gelijktijdig in Rome te zijn en hij probeert haar even telkens te verbluffen en te overdonderen met nieuwe ontdekkingen in nog meer achteraf gelegen straatjes en duistere hoekjes. Gevolg: La Wellens wilt minstens één keer per jaar terug naar Rome. Uiteraard na ruggespraak met de heer Eric Claes. Zelf hoef ik niet zo dringend naar Rome; tenzij je in die stad een scootmobiel kunt huren. Hallo Eric?

18698086_10209640319028833_4473055807616275257_n
Mieke en Denise in weer een nieuwe ontdekking van de heer Eric Claes.

Za 27/05 Operatie Diepvriezer

 

Gisteren zijn Herman en Corrie weer thuisgekomen na hun uitstap naar Nederland. In zijn blote bast zat hij in de schaduw en er kwam maar één zinnetje uit: “Koud, man.” Ik dacht dat hij me een oor wilde aannaaien want de thermometer stond nog altijd dichter tegen 30 dan tegen 25, maar hij meende het wel. Deze morgen lieten we gelijktijdig de honden uit. Het kwik zat toen ook al stevig voorbij 20 en ik begroette hem met ‘Koud, hé’. Blijkt nu dat hij in Nederland wel regelmatig ’s avonds de kachel moest aansteken. Gelukkig is dat hier toch al ruim anderhalve maand niet meer nodig. In tegendeel, zelfs.

Jan en Martine vertrekken vandaag; de BMW Z5 netjes op de aanhangwagen achter de camper. Ze gaan het iets meer noordwaarts zoeken, meer bepaald in Benicassim. Daarna wordt het Tarragona en de Costa Brava in de hoop dat ze daar ergens in de buurt nog met hun vrienden kunnen optrekken. Jan wilt absoluut via Millau naar huis rijden want de geweldig mooie brug aldaar heeft hij nog nooit gezien. Hopelijk zijn ze er – zoals beloofd – in november weer. Dan zullen ze voor een week in Villa Maja verblijven en hier de geplande Bierfeesten van Hugo proberen te overleven.

’t Is ook altijd hetzelfde met die midweekse feestdagen. Krantenredactie draaien op halve kracht; redacteurs met een toerbeurt op een verlengd weekend, zorgen ervoor dat er voldoende kopij voorhanden is, dingen die niet actualiteitgebonden zijn en die je eender wanneer kunt publiceren. Opvulmateriaal, zeg maar. Opgewarmde kost. Dat krijg je dan in je krant van daags nadien opgelepeld. Neem nu Trump. Die is terug naar huis gevlogen maar daarover wordt nauwelijks bericht terwijl je dagen voor zijn aankomst een halve krant voorbeschouwen te bikken kreeg. Gelukkig heeft men nog goede cartoonisten in huis zoals bijvoorbeeld Wim De Blende. Die kerel illustreert elke week een actuele gebeurtenis in een schitterend schilderijtje met daarbij een kort onderschrift, dat zo indringend veel méér zegt als een artikel van zeven pagina’s van een doorsnee journalist. Deze week zie je een gezinnetje naar de lucht staan staren waar boven hun hoofden Airforce One, het vliegtuig van de Amerikaanse president, opstijgt. De kleinste jongen zwaait voorzichtig met zijn handje. Onderschrift: Het was de mooiste Hemelvaart in jaren. Ziezo, die zit en dat zorgt ervoor dat mijn dag niet meer stuk kan.

Lieve Eva is terug van haar wekenlange cursus ‘hondentraining’ in Valencia. Daar is ze niet helemaal ongeschonden uit gekomen. Aan het einde van de cursus heeft ze zich erg in de hand laten bijten door een agressieve hond waardoor ze, ocharme, haar eindexamen niet kon afleggen. Om haar diploma te halen, moet ze dus nog eens terug naar Valencia. Nu zit ze hier met een dik ingepakte hand achter de balie.

Wie er ook met een stevig omwikkelde hand bijloopt, is Tibor. Die man is wel altijd met een of andere klus bezig en gebruikt boormachines, slijpschijven of cirkelzagen zoals ik mijn aansteker bij de zoveelste sigaret. Maar, net zoals ik me soms wel eens mispak in dit automatisme, en me daarbij de vingers of m’n snor verbrand, heeft Tibor iets te zelfzeker de zaagmachine gebruikt en zichzelf getrakteerd op een bloedende jaap in de hand. Resultaat: zeven hechtingen en dagelijkse inspectie of er geen infectie in sluipt. Een uitschuiver met droeve consequenties schuilt in een klein hoekje en is snel gebeurd.

Het opspannen van de toldo’s ligt weer helemaal stil en de vrees dat ik mijn resterende dagen in de blakende zon moet doorbrengen, wordt met de dag groter. De hitte van de dag heeft Fernand en Mieke (en dochter Birgit) en niet van weerhouden om met de bus naar Altea te rijden met de intentie om de terugweg al wandelend af te leggen. In Albir vonden ze het welletjes en werd een tussenstop ingebouwd bij het vertrouwde restaurant Anna. Fernand geeft me een hele exposé over verschillende bereidingswijzen voor kikkerbilletjes en bekent dat hij zo’n dertig jaar geleden om de twee maanden naar Leuven reed om daar ergens kikkerbilletjes te komen eten. Tot nu heb ik nog niet kunnen achterhalen in welk eethuis dat gebeurde.

Het is droevig kiezen tussen de ronde van België of die van Italië. De Giro wint de aandacht vanwege de spankracht en mijn innigste wens dat Dumoulin niet nog meer tijd verliest op Quintana, die – ik herhaal het nog eens – in feite geen échte coureur is. Als het Tom niet wordt, laat het morgen dan Thibaut Pinot of desnoods Nibali zijn maar niet dat berekenende klimmertje.

Mieke stelt het wel in Rome. Ze rolt er van het ene museum in het andere, van het ene terrasje naar het andere en met de hulp van ex-collega Eric Claes duikt ze van het ene exclusieve restaurantje in het andere. Vooral de uitvoerige verslagen over dat laatste onderdeel betekenen voor mij soms een kwelling van de ergste soort, vergelijkbaar met Dante’s Divina Commedia. En dus concentreer ik me maar weer op de operatie ‘Maak-Leeg-Die-Diepvriezer’.

Via deze weg wil ik de familie Breezant feliciteren met hun geslaagde en bijzonder humoristische bespreking van deze camping op Zoover. Hopelijk vinden die lieve mensen op hun volgende bestemming meer geluk en beter gezelschap.