Woensdag 30 april Nog drie dagen te gaan

Dag Negen Na Mieke. Gisteravond nog een bibberende gebeurtenis meegemaakt en vergeten te vertellen. Vlak in de buurt staan Nederlanders en die hebben ook een hond mee, een kooiker namelijk. De garage van de camper is helemaal ingericht in functie van die hond, met een raampje en verluchting en doorgang tot in de camper zelf. Nu waren die mensen gisteren de hele dag op stap en ze kwamen pas weer thuis – duidelijk in goede stemming – toen de duisternis al goed begon te vallen. In plaats van meteen met die hond te gaan wandelen, lieten ze hem uit de garage, gingen nog wat gezellig zitten babbelen. Tot ze plots ontdekten dat die hond weg was. We zijn met z’n allen gaan zoeken en ik wist bijna zeker dat die hond de straatkant op was. Daar wordt die hond uitgelaten en die volgt dan wel zijn eigen geurspoor De eigenaars hadden duidelijk iets te veel getafeld, waren duidelijk iets te veel beneveld om daar meteen op in te gaan. Niko sprong op de fiets en ging op straat kijken. Pas daarna sprong de vrouw op haar scooter om de dijk af te rijden en de man ging helemaal achteraan in de camping op zoek. En plots dook die hond weer op. Ik heb die dan maar vastgelegd tot de baasjes weer op het toneel verschenen. Die kooiker is al 14 jaar oud, is ziek, zit vol gezwellen en staat op dieet. Dat beestje was zowat uitgehongerd en ging dus op zoek naar eten. Wij zijn een beetje boos op die mensen. Je laat een hond geen tien uur alleen als je hem (haar in dit geval) niet meteen uitlaat bij je thuiskomst. Zo!
In tegenstelling tot wat ik voorheen dacht en schreef, is Jean vandaag vertrokken. Hij moest onderweg nog mensen oppikken en zal dan morgen verder naar Segovia rijden. Morgen vertrekt ook Eddy naar België voor de crematie van zijn schoonmoeder. Enkele dagen later komt hij terug om nadien met de camper weer naar België te rijden.
Ik rommel wat in de garage en probeer de dingen een beetje oordeelkundig te stapelen. Maar… alles hangt zo’n beetje samen, zo van: dit kan er nog niet in omdat ik dan eerst de tent moet afbreken, en die kan nog niet weg omdat dat en dat er nog in staat. Dus doen we dat morgen.
Bertram is komen buurten en in de kortste keren zit je weer met achten aan de tafel. Niko vervangt de binnenband van m’n achterwiel. Daarna poets ik er het woestijnstof wat af. Met enig geluk rijd ik morgen even over de camping alvorens het ding weer bijeen te plooien en in de garage te zetten. Totaal afgelegde kilometerstand van die fiets: bij benadering 3.750 meter. Er is dus nog wat werk aan de winkel.
Ik kan heel moeilijk beschrijven hoe ik me voel nu de vertrekdatum nabij komt. Uiteraard geldt dat voor iedereen van ons; vroeg of laat moeten we toch weer naar het noorden. Maar de sfeer is hier zodanig goed dat je geen zin hebt om dat de eerstvolgende weken te doen. Anderzijds wordt de pret gedrukt door de wetenschap dat je zondag moet vertrekken en dan zit je eraan te denken om dat misschien maar meteen te doen. Zo van: de eerstvolgende drie dagen doen er toch niet meer toe.
Hoe dan ook: morgen zo veel mogelijk inpakken en dan zie we wel weer verder.

Dinsdag 29 april Slaapkleed en Aldi

Dag Acht Na Mieke. Toen ik deze nacht de hond nog eens uit liet, hoorde ik de eerste krekels van het jaar. Geen idee of dit een goed of een slecht voorteken is maar ik moest toch even glimlachen.
De prijs van het meest gekke toneel gaat onbetwist naar Frey. Die kwam deze morgen van de douche, via een ommetje langs onze ‘straat’ gelopen, listig vermomd in een slaapkleed van Fab. Met het meest uitgestreken gezicht van de wereld wenste hij iedereen onderweg een goede morgen. Wij stonden er met z’n allen zo verbouwereerd naar te kijken dat niemand van ons eraan dacht om een foto te nemen. Maar… je was wel meteen wakker.
Mijn Waalse landgenoot Jean heeft zijn scooter verkocht aan Nederlander Pim. Ik moest optreden als tolk. Hopelijk blijft het daarbij en krijg ik Pim niet over de vloer met een stapel verwijten omdat hij een slechte koop heeft gedaan. Jean vertrekt donderdag immers al. Hij gaat eerst naar de buurt van Segovia om daar deel te nemen aan een kartingrace en daarna moet hij nog naar Narbonne om een raam van zijn camper te laten vervangen. Benieuwd of ik in België nog ooit iets van hem te horen krijg.
Ook gisteren pas laat ontdekt: het dakluik boven mijn bed is tot nu toe altijd waterdicht gebleken maar blijkbaar niet helemaal bestand tegen de waterstraal die ik er gisterenmiddag tegenaan heb gejaagd. Gevolg: natte lakens en natte matras. Nog een geluk dat ik over een extra bed beschik of het had een moeilijke nacht op de vrij smalle bank geworden.
Hoe ze aan de informatie komen, weet ik ook niet maar Christa wist dat de nieuwe vestiging van Aldi vandaag zou open gaan. Oorspronkelijk was ze van plan om met Lea naar de markt in Altea te gaan maar dat plan werd snel gewijzigd. Dus gingen de twee koppels richting 332 uit, naar die nieuwe Aldi. Je kreeg er voor de gelegenheid tapas en paella en voor de rest bleek een supermarkt te zijn zoals overal in de wereld.
F&F kunnen het niet laten en zijn alweer vertrokken voor een wandeling. Intussen kwam Jean koffie drinken en hoe meer hij sprak hoe meer onzekerheden eruit kwamen. Ook hij wil wel eens graag naar Marokko oversteken maar het moet ginder wel goedkoper zijn dan in Spanje.
Na het exterieur gisteren, was vandaag het interieur van de kar aan de beurt en daar wordt je lichtjes moedeloos van. De bodem is nog niet droog of er zijn weer allerlei blaadjes en andere onzin naar binnen gewaaid.
Tegen 14 u is het gezelschap terug want er moet petanque gespeeld worden. Frank heeft asperges meegenomen en ik word uitgenodigd om die mee op te eten. Dus steek je maar een handje toe om die ook nog schoon te maken, een klus die ik thuis ook altijd voor mijn rekening moet nemen.
We waren er vroeg aan begonnen en dat leek me wel een goed idee. Kon ik lekker vroeg in slaap vallen met de tv aan. De vorige nacht was niet meteen een groot succes wat nachtrust betreft. Vandaar. Helaas waren er kapers op de kust en Christa kwam de boel opvrolijken. Héél aangenaam gezelschap, leuke babbel en een beter alternatief voor die tv was nauwelijks denkbaar. Mieke belde heel laat en ik kreeg amper twee zinnetjes gezegd; Christa nam het voor zeker tien minuten over en ik mocht nog net afscheid nemen.
Uiteindelijk werd het toch nog kwart voor één. Het werd toen net iets té vochtig, zowat alles werd zeiknat: tafel, stoelen, zitbank… Om van de inwendige mens maar te zwijgen.

Maandag 28 april Stella Artois in Malibu

Dag Zeven Na Mieke. Windstil en zonnig. Om 10 u is het al 22 C° in de schaduw. Tijdens de ochtendvergadering vertelt Niko over zijn hoge verzekeringspremie, praten we over de prijs van banden en ander onderhoud. Camperen is duidelijk een duurdere hobby dan kleurenwhist of Rummikub.
Ik kijk mijn dakluik nog eens na, dat luik dat niet meer goed afsluit. De scharnieren een beurt geven met siliconenspray wilt van binnenuit niet al te bijster goed lukken en daarom haal ik de ladder in de wasplaats. Als Mars moet doorgaan als de rode planeet, is mijn kar niet minder dan de Rode Camper. Een vingerdikke laag roodbruine smurrie doet mijn toch overladen toegelaten gewicht nog met minstens 5 kg toenemen.
En dan gebeurt een mirakel waar horden ongelovige Thomassen op afstromen. Ze knijpen zichzelf in de arm om zich te verzekeren of ze waken of nog dromend slapen want het onmogelijke speelt zich voor hun ogen af: Guy geeft de kar een wasbeurt. Men zegge het voort!
Ik zweet me kapot en als de klus geklaard is, merkt de oppervlakkige toeschouwer nauwelijks het verschil met de vorige toestand. De kenners daarentegen hebben hun geloof in de mensheid, en de mogelijkheden die dat biedt, weer herwonnen. Niet dat het mijn verbruik met 1 liter per 100 km zal doen dalen, maar het geeft toch wel een goed gevoel om dat woestijnzand hier achter te laten, op de plek waar het in feite bedoeld was neer te komen.
Om 14 u had ik een afspraak met Eddy in de Pizza4U en dus moest ik hier ten laatste een half uur eerder vertrekken, Huub en zijn gewoontes kennende. Er staat hier in Albir geen palmboom, geen plataan – en dat zijn er verdorie wel wat – of hij moet en zal er aan snuffelen en eventueel zijn poot tegenop zetten. Omdat ik dan toch in de buurt van de Malibu zat, nam ik ook het Stella Artois-hemd mee dat ik Mieke had laten meebrengen en dat ik graag aan Alonso van de Malibu zou geven. Eddy nam zijn klassieke pizza en ik ging voor de lasagne. Lekker. Eddy had minder goed nieuws. De moeder van zijn vrouw Nancy is gestorven en donderdag vliegt hij naar België voor de crematie. Via deze weg: nog veel sterkte Nancy en Eddy.
Na het afscheid, én de afspraak dat hij in Leuven zijn motor zou komen showen van zodra hij die in bezit had, liep ik naar de Malibu. Alonso was duidelijk in de wolken met het hemd maar gezien het uitgevoerd is in een nogal ‘zware’ stof was zijn eerste commentaar: Dit is wel iets voor de winter. Gelijk heeft hij natuurlijk want ik zou in zo’n weersomstandigheden ook niet in dergelijk hemd rondlopen. Ik moest mijn Stella niet betalen maar als Leuvenaar doe je dat niet en dus bestel je een tweede, en doe er eentje voor de baas bij a.u.b.
’t Was toch al na vieren vooraleer ik weer de camping opliep en op het terras bij Frank was het namiddagvergadering. Frey kwam erbij zitten. F&F waren via binnenwegen – in feite moet ik paden zeggen – naar Benidorm gewandeld en weer terug. Frey beklaagde zich over de berg sluikstort die hij onderweg overal had gezien. We hadden het nog even over de kerstmarkt in Leuven en over het gezellige en ongezellige van horeca als een lijkbleke Bertram eraan komt sloffen. Een van zijn vrienden, waarmee hij voor morgen een afspraak had om samen gaan te eten, is vandaag overleden terug gevonden. De man was gaan fietsen en lag dood langs de weg. De man had in februari zijn 70ste verjaardag gevierd en toen wij met de bende in restaurant Yaho gingen eten, zat die man nog in het gezelschap van Leny en Bertram. “Ik moest het even kwijt,” zie Bertram en daar konden we wel in komen. Meer nog, met een smak word je dan wel met de snuit op de realiteit en de betrekkelijkheid van dit leven gedrukt.
Mieke belde om te zeggen dat de vervangende dampkap (afzuigkap voor de Nederlanders) 2db méér lawaai maakt dan de bestelde maar dat ze er wel aan denkt om deze te laten hangen. En wat als mijn man het niet goed vindt, vroeg ze de installateur. Waarop die droogjes antwoordde: ‘Dan stuur je hem maar terug naar Spanje’. En zo weten we dus alweer wat te doen en waarover te klagen als de drang naar het zuiden iets te groot wordt.

Zondag 27 april KUT

Dag Zes Na Mieke. Voor F&F ook de eerste zondag zonder wandeling. Vandaar dat ze – in tegenstelling tot alle voorgaande zaterdagen – zich gisteren een beetje konden ‘laten gaan’. Ze zijn namelijk met hun afscheidnemende buren gaan eten in Benidorm, in Le Sol meer bepaald, een etablissement dat al heel lang op het verlanglijstje van Fab staat. Specialiteit: tapas en goede wijn. Publiek: haast uitsluitend Spanjaarden. Prijs: menu 17 euro voor 5 tapas. Eindbeoordeling: hemels.
En nu ze toch in hemelse sferen verkeerden, zijn ze die avond nog de Kaktus ingedoken waar de stemming er deze keer wél goed in zat. In die mate zelfs dat Frey sprak van een ‘absolute première’. Voor de eerste keer van zo lang ze hier al komen, hebben ze de Kaktus gesloten. ’t Was half twee.
Op een zeer aanschouwelijke manier kwam Frey vertellen welke taferelen hij alweer had moeten aanschouwen in dat duivels Benidorm. Wordt daar bij ons smalend over gedaan als een soort bejaardentehuis, loop je in Benidorm hoofdzakelijk jong volk tegen het lijf. Helaas het soort volk dat je liefst niet in je buurt hebt. Voornamelijk Britse vierde wereldfiguren die in T-shirt en shorts landen in Alicante, enkele dagen met een goedkope formule in Benidorm verblijven, liefst in een hotel ‘all inclusive’ (met die ‘all’ beogen ze dan vooral de drank). Als ze goed murw zijn, gaan ze de stad onveilig maken en na enkele dagen gaan ze roodverbrand weer naar huis in dezelf T-shirt en shorts als ze gekomen zijn. Alleen staan die stijf van het gemorste bier en de eigen kots. Fijn volk dat de werkverschaffing in Benidorm moet garanderen…
Op de middag duik ik weer de kar in want de laatste mooie klassieker staat op het programma: Luik-Bastenaken-Luik. En verdomme, hoe is het toch mogelijk dat al die grote vedetten er een saaie koers van konden maken omdat ze elkaar constant zaten te beloeren, en dat tweederangs figuren moesten zorgen voor enige spanning en de overwinning. Waar is de tijd van de heroïsche tonelen die heren als Eddy M. en Bernard H. ons opdienden. Of Dirk De Wolf die er al op de Wanne vandoor trok. Dat waren nog coureurs, geen rekenmachientjes. Een namiddag die op een meer nuttige manier had ingevuld kunnen worden. Bah.
Niko wilt absoluut mijn reisroute kennen en op een kaart aanduiden. Daar komen dus weer kaarten bij te pas en verdorie toch, dat heb ik niet zo graag want dat veroorzaakt het dubbele gevoel van willen vertrekken maar sterker nog van willen blijven. Frankt komt op het onzalige idee om er de fles pastis bij te halen, Christa zorgt voor hapjes en Frey voor dikke ijsblokjes met een lange smelttijd. Fab vertelt het afschuwelijke verhaal van een paard dat ze tijdens hun laatste wandeling onderweg aan een boom vastgebonden vonden. Alles in de buurt was afgegraasd en het dier kon niet meer aan zijn drinkbak. Ze hebben het dier elders vastgebonden waar nog wat eten voorhanden was en ze hebben al hun nog beschikbare watervoorraad in de emmer gegoten. Zelf zou ik het dier helemaal losgemaakt hebben en laat die kloothommel van een eigenaar er dan maar op zoek naar gaan. Fab vroeg me om dit verhaal niet te erg aan te dikken en dit niet af te doen als typisch Spaans want zo’n dierenmishandeling komt bij ons ook wel eens voor. Het gebeurt wel vaker dat ik niet naar Fab luister en dus blijf ik erbij dat je Spanjaarden maar beter ver weg kunt houden van honden, stieren en paarden, en misschien ook nog wel van vrouwen. En houdt ze zeker en vast weg van de Lage Landen, vooral als ze Alva of Philips II heten. Er loopt nog een massa volk rond dat niet er niet volledig van overtuigd is dat Franco al in 1975 overleden is.
Anneke komt afscheid nemen want zij en haar Jan Hoed vertrekken morgenochtend heel vroeg naar Alicante om naar huis te vliegen. Ze laten hun camper en de BMW RT1200 hier achter. In september komen ze terug. Ik mis ze nu al.
Huub heeft zijn domein nu ook uitgebreid tot de camper van Niko en Christa. Die laatste is daar niet mee opgezet en moet hem regelmatig uit hun huisje jagen. Het is duidelijk dat Huub één zaak gemeen heeft met Mieke: een lichte aversie voor mijn kar. Of hij zit bij Lea en Frank of nu ook bij Christa en Niko. Ik zie me nog verplicht om ook een Hymer te kopen, desnoods een MacLouis. Alleen om erin te vreten, is mijn Dethleffs genoeg voor mijnheerke.
We komen er eindelijk weer bij welke bewoordingen Lisette gebruikte om kut duidelijk te maken: Kwalitatief Uitermate Teleurstellend. Dat gevoel overviel me gisterenavond, tamelijk laat. De deur stond nog open want Huub zit graag buiten in het duister. Na tienen begint het toch wel sterk af te koelen en ik floot mijnheerke binnen. Hij zat bij Lea en Frank, kwam eens buiten kijken en ging weer naar binnen. Zij moesten daar keihard mee lachen, ik veel minder. Er moet toch dringend een goed gesprek volgen met Mieke over een andere camper…

Zaterdag 26 april Ricard

Dag Vijf Na Mieke. Een dag die rustiger verloopt dan anders na de uitspattingen van gisteren. Het gezelschap is naar het Cubaans café gegaan maar daar was geen reet te beleven. Iets verder ligt de Club Fandango en laat het nu zijn dat er net die avond een optreden was van The Voice. Dat is gewoonweg een Hollander die hier al jaren rondhangt en populaire tophits zingt met een computer gestuurd achtergrondmuziekje. De man is enorm populair tussen Benidorm en Calpe. Helaas trad hij maar op tot 11 u en eens hij stopte zakte de ambiance als een slecht opgeklopte soufflé in elkaar. Daarop is het gezelschap nog naar de Kaktus getrokken maar ze vonden er de aanwezige dansers iets van té stijve en serieuze kant.
Christa heeft moeten overgeven en dat was – altijd volgens haar – niet te wijten aan de drank maar aan de tiramisu waarin waarschijnlijk een melkproduct was verwerkt. Niko heeft zitten rommelen met de hordeur van zijn camper waar dringend een nieuw gaas overheen moest. Frank heeft het moeilijk met 62 jaar + 1 dag. Frey is duidelijk goed uit zijn lood geslagen door die bijenbeet. Hij heeft heel lang in zetel liggen te slapen.
In de late(re) namiddag gaan Niko en ik toch maar een beetje Ricard zitten nippen. Roos is vandaag vertrokken. Zij rijdt via Bordeaux naar huis om onderweg op bezoek te gaan bij haar dochter. Ook de Brit met die niet beslist mooie Harley is vandaag weggegaan. Niet ver evenwel. Hij wilde deze avond in Benidorm zijn waar hij met vrienden heeft afgesproken om naar het concert van UB40 te gaan.
Zelf zit ik vol twijfels over mijn vertrekdatum. Het is duidelijk dat het er voor mij op zit. Het is trouwens op, ook. Dus kan ik m’n vertrek maar beter niet te lang rekken. Hoewel… je weet maar nooit wat er nog allemaal uit de bus komt om mij nog wat langer hier te houden.

Het vrolijke gezelschap van gisteren. Vandaag héél stil.
Het vrolijke gezelschap van gisteren. Vandaag héél stil.

Vrijdag 25 april Frank verjaart

Frank verjaart blijkbaar niet met volle goesting.
Frank verjaart blijkbaar niet met volle goesting.

Dag Vier Na Mieke. Gisteravond is het rond 21 u beginnen regenen. De buren waren aan het boulen en moesten het spel onderbreken. Toen het eindelijk ophield met druppelen, hielden ze het toch maar voor bekeken. Even na 23 u brak hier een onweer uit met veel licht en veel lawaai maar met veel te weinig regen. Zelf had ik op een goede stortbui gerekend, een gemakkelijke manier om het dak van de kar netjes te krijgen. Helaas, driewerf helaas… ik zal toch de ladder op moeten met een borstel en een goed zeepsopje.
Na het onweer bleef het waaien en waaien, in die mate zelfs dat ik om 1.30 u voor alle veiligheid mijn luifel maar weer dicht heb gedaan. Tot zo laat was ik wel blijven kijken naar VPRO waar de verbluffende reportage ‘The Flaw’ vertoond werd. Iedereen die halsstarrig blijft geloven in de zegeningen van het wilde kapitalisme zou wettelijk verplicht naar deze film moeten kijken. Ook warm aanbevolen voor personen die nog altijd denken dat de Man van de Krachtige Verandering hun problemen zal oplossen in deze wereld van multinationals, Europese regeltjes, overdreven privatiseringsijver, en het principe van ‘winst voor alles’. En wel helemaal verplichte kost voor de burgemeester van Lubbeek die beweert dat de helft van de inwoners van zijn gemeente miljonair is.
Nu weer over vandaag. Huub heeft me uit m’n slaap gehouden uitgerekend vanwege die aanhoudende wind. Ik sta hier net onder een ficusboom, zo eentje met grote bladeren, een plant die in onze huiskamers heel populair is onder de naam ‘caochoucplant’. Als zo’n blad op mijn dak valt, klinkt dat zo’n beetje als een donderslag en daar krijgt Huub de stuipen van. Dan staat hij jankend aan m’n bed en moet zo nodig getroost en gekalmeerd worden en mag je het begrip ‘remslaap’ wel helemaal vergeten.
Nog een gevolg van die nachtelijke wind: bij het naar buiten gaan om de luifel in te klappen, ben ik door m’n knie gezakt en komt dat spanverband van enkele weken geleden weer goed van pas.
De ochtend verloopt zoals altijd: veel te snel. Je hebt je koffie nog maar net op of het is middag. De wind is en blijft spelbreker. Buiten zitten is helemaal niet aangenaam en in de tent is het veel te heet. Dus zit ik lange tijd binnen aan een doorloper. Tegen de middag is het wat rustiger en ik zit wat met Frank te praten want die is jarig en krijgt van alle kanten felicitaties over zich heen. Om 13.30 u ga ik een dutje doen en achteraf vertelt Frank me dat het op een baan bijna slaande ruzie was. Mensen die het spelletje veel te serieus menen en dan ook nog heel slecht tegen hun verlies kunnen. Het kleine wereldje van alfamannetjes en –vrouwtjes.

En dan is het ineens weer tijd om weer op stap te gaan. Frank heeft ons uitgenodigd in de Sabor: naast Lea nog F&F, Niko en Christa, Jan Hoed en vrouw Anneke en ikke. Omdat ik nauwelijks kan lopen, wilt hij zelfs een taxi bellen maar dat is niet nodig want Frey offert zich op om te rijden. Het valt me op dat er aan mij wel altijd iets schort als er in groep iets moet gedaan worden. Misschien had ik best tot aan de Sabor kunnen lopen. Dat is tenslotte maar een kwartiertje ver en de enige reliëfwijziging op het biljartvlakke parcours zijn de snelheidsremmers in de rijweg. Maar, intussen ken ik m’n lijf wel voldoende om te weten of het zou lukken of niet. In dit geval niet dus. Frey heeft het niet makkelijk. Gisteren tijdens de wandeling is hij aangevallen door een vrij agressieve bij die hem net boven de wenkbrauw heeft gestoken. Daarmee is zijn gezicht helemaal opgezwollen en we kunnen wel zijn dat hij er pijn aan heeft.
Mooi, intussen had ik een telefoontje van Mieke die me de opdracht gaf iedereen een knuffel te geven. Wat ik wijselijk beperkt heb tot Frank die tenslotte het feestvarken is. Spijtig genoeg kun je in de Sabor ’s avonds geen weekmenu voor 16 euro krijgen want dat zag er weer schitterend uit. Dan maar à la carte waarmee je toch al in de buurt van Belgische prijzen komt. Zoals eerder al meerdere keren geschreven: zet de Sabor bij ons en ‘le tout Louvain’ verdringt er zich elke dag. Hier in Altea zit de zaak trouwens ook elke dag stampende vol. Kwaliteit komt altijd boven drijven.
Aangenaam gezelschap, lekker eten en drinken, nu en dan een goede mop… alle ingrediënten voor een fijne avond. Merçi Frank en nog een prettige 62ste jaargang.
Frey bracht me naar huis en we lieten samen de honden uit. De rest van de bende kwam er net aan en die wilden met z’n allen het feestje nog voortzetten in het Cubaanse café want daar wordt gedanst. Dat zag ik wel helemaal niet zitten; een pijnstiller en m’n bed des te meer.

Verzoek: camperplekken

Vosje
Het gebeurt wel eens dat ik me uit m’n dagelijkse overpeinzingen over de zin van het leven laat opschrikken door een klopje op de deur. “Excuseert u mij, mijnheer, maar bent u ook van Leuven?” klinkt het. Tja, niet erg moeilijk, denk ik dan. Je zult tenslotte maar zelden een Antwerpenaar of een Bruggeling zien rondrijden met een sticker van 130 bij 90 cm achterop zijn camper met daarop in koeien van letters ‘Leuven, eeuwenoud, springlevend’. Dus zal ik ook wel een Leuvenaar zijn, zeker? “Kijk, ik ben X en ik volg jouw blog en daarom kom ik eens goede dag zeggen.” Je moet in zo’n geval al heel sterk op je stelten staan om dan je ijdelheid in toom te houden, en mijn onderstel is niet zo sterk. En omdat je tenslotte 2.000 km van huis bent en al vijf maanden exclusief tussen Nederlanders vertoeft, is het altijd aangenaam om nog eens een vleugje Leuvens dialect op te snuiven. Gezien je voor enkele dagen toch samen op dezelfde camping staat, kun je ook wel samen een pintje drinken, samen iets gaan eten en vooral samen een eind de nacht in lullen over de huidige toestanden op het thuisfront.
Of ze nu Michel, Marcel of Stijn heten, al die Leuvense bezitters van een camper (of een mobilhome als men dat liever hoort) hebben een steeds weerkerende klacht gemeen: hoe in godsnaam is het mogelijk dat er in Leuven geen plek bestaat voor campers? In Frankrijk of Duitsland heeft haast elk uit de kluiten gewassen boerengat een terrein voor rondtrekkende camperaars en indien dat niet het geval is vindt je er wel eentje in het boerengat twintig kilometer verderop. Schrijf daar maar eens iets over, vroeg Fons me eergisteren nog. Gezien deze column geen verzoekprogramma is, en ondergetekende wel helemaal geen Lutgart Simoens, gaan we dus graag op die vraag in. Enig zelfbelang mag daarbij niet eens in rekening worden gebracht, want ik zie me niet direct enkele dagen op een camperplek in m’n eigen stad verblijven. Aan de andere kant zijn er natuurlijk wel heel wat anderen die dat wél willen doen en onze stad willen bezoeken. Helaas is er in Leuven geen camping meer; je moet al naar Loonbeek voor de meest dichtbij zijnde. Dan maar even ergens in de stad proberen? Geen optie want heel de centrumstad is blauwe zone en je loopt het gevaar dat je om 2 u ’s nachts door de politie uit je bed wordt gehaald.
Mensen met een camper houden er een gezapig tempo op na. Ze hebben meestal wel wat geld te spenderen, snuiven hier wat cultuur op, doen daar een terrasje en hebben veelal geen zin om zelf te koken. In België zouden nu al meer dan 40.000 campers ingeschreven zijn. Toch wel spijtig dat Leuven dit toeristisch potentieel over het hoofd ziet.
In het buitenland vind je legio voorbeelden van oorden waar men duidelijk slimmer is en beter kan rekenen dan in Leuven. Laat ik het voorbeeld nemen van de gemeente Charmes in het Franse departement Vosges, aan de oevers van de Moezel. Niet omdat Charmes – een gat van nog geen 5.000 zielen – een monumentenstad zou zijn maar omdat men daar een kosten/batenanalyse heeft gemaakt. Al in 1992 kwam men daar op het idee om een gedeelte van de berm langs het kanaal in te richten als camperplek, met drinkwaterkraan en elektrische stroomcontacten, een loosplaats voor vuil water en een voor chemische toiletten, nachtverlichting en geïntegreerde vuilnisbakken. In de loop van de jaren werd die oppervlakte uitgebreid, werden wegenwerken uitgevoerd, kwamen er sanitaire installaties. In het totaal zijn er nu 80 standplaatsen. Dat kostte de gemeente pakweg 220.000 euro waarvan goed 25 % werd gesubsidieerd door de regio Lotharingen en de Algemene Raad van de Vogezen.
Nu de andere kant van het plaatje. Per overnachting rekent Charmes 6 euro aan. In een behoorlijk jaar telt men er 20.000 overnachtingen. Reken zelf maar uit: na twee jaar was de investering terugbetaald. Het stadje heeft ook berekend dat elke passant tussen 10 en 15 euro spendeert bij de lokale handelaars. Dat is nog eens 300.000 euro die jaarlijks in de lokale economie wordt gepompt.
Maar ja, Charmes ligt aan de Moezel en Leuven aan de Dijle. Wat burgemeester Tobback en schepen Vansina niet moet verhinderen om al eens te beginnen met twee gereserveerde plekken daar, twee ginder en nog eens drie elders. In naam van mijn buitenlandse vrienden die Leuven maar al te graag willen aandoen, dank ik u bij voorbaat.