Do 30/03 Sateetjes van Bert

 

De trend van de vorige dagen zet zich voort: algemene drukte met de voorbereidingen tot vertrek. Hier is nog iemand bezig met het juist afstellen van de zelfzoekende schotelantenne op het dak van de camper – de voorbij tijd ging dat via een schotel op een vaste driepikkel. Daar is een dame in de weer met spons en zeemvel om toch met een min of meer klare blik door de voorruit de terugweg naar huis aan te vangen. Fietsen gaan alvast achterop het bagagerek. De Duitse buurtbewoners uit Hannover – vorig jaar stonden die verderop in Avd. Europa – zwaaien met het handje. Bis nächstes Jahr. Ook de nieuwe Britse overburen op Europa 24 vertrekken. Zij moeten terug naar Sheffield. De dame – aan de vrij mollige kant – geeft hier een staaltje stuurmanskunde weg waar ik bewonderd zit naar te kijken. In één vloeiende beweging rijdt ze de camper uit zijn toch wel ingewikkelde positie op de plek en zonder ook maar één keer een remlicht te zien, keert ze de camper in mijn straat de juiste rijrichting in. Châpeau! Mijnheer rijdt haar met de huurauto achterna; die moet hij nog inleveren aan de luchthaven van Alicante. Daarmee verlies ik in één klap twee rustige buren met niet iets meer standing en klasse dan de rest.

Hugo flitst hier ettelijke keren voorbij, maar dat is geen nieuws. Louis vertrekt plichtsgetrouw naar de IMED-kliniek zodat Gerarda zich niet te veel alleen moet voelen. Marcel weet nog niet welke weg hij zal nemen en we halen er de wegenkaarten van Spanje en Frankrijk bij. Op de thuisweg gaan hij en Majo nog even langs bij hun zoon die tijdens de winterperiode een ‘chambres d’hôtes’ uitbaat in de Alpen en in de zomer verhuist naar de Jura waar hij dan een camping, annex B&B, runt. Ik maan hem aan om het de eerste dag toch maar rustig aan te doen. Als je vijf maanden niet meer met de camper hebt gereden, willen de rug, de schouders, ellebogen en polsen wel eens beginnen op te spelen na een paar honderd kilometers. Hij heeft zich in het hoofd gehaald om in één ruk door te rijden tot Le Boulou. Zelf doe ik dat (beter gezegd: deed ik dat) in twee dagen. De eerste dag tot aan La Volta in Penìscola rijden, vond ik al een behoorlijk eind. In twee dagen wilt hij tot zijn bestemming nabij Chamonix rijden. Wat is me dat toch allemaal met die oude(re) mannen die, drijvend op een stevige dosis zelfoverschatting, blijven denken dat ze nog twintigers zijn?

Die avond ben ik uitgenodigd bij Frank en Lea voor de meest typische Vlaamse maaltijd bij uitstek: stoofvlees met frietjes. Hun nieuwe overburen op nr 8 hebben bezoek dat zich uitslooft om in de meest gezochte superlatieven de lof te zingen over de nieuwe aankoop. Als de schoonzoon dan ook nog aangeprezen wordt als de grootste BBQ-specialist en vleeskenner ter wereld, ben ik natuurlijk uitermate benieuwd. Als ik dan zie dat het hele gebeuren beperkt is tot een sateetje per persoon en dat je bijna een slijpschijf nodig hebt om het vlees van de spies ook nog op je bord te krijgen, denk ik er toch het mijne over. Met heel veel heimwee mijmer je dan over de satés van Bert en hoop je dat die zo spoedig mogelijk weer naar hier komt want ik ben het recept van zijn marinade hopeloos vergeten. Weer naar de realiteit: het stoofvlees van Lea was heerlijk. Nog belangrijker misschien: het was de eerste avond dat we buiten konden eten zonder klappertandend en helemaal ingeduffeld er bij te hoeven zitten.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s